Niet vacineren: Risico’s en verantwoordelijkheden

Ouders zijn verantwoordelijk voor de gezondheid en het welzijn van hun kind. Hieronder vallen ook de bescherming tegen ziekten en het voorkomen hiervan. Indien ervoor wordt verkozen om uw kind niet te laten vaccineren moet u de risico’s aanvaarden. Door vaccinatie beschermt u uw kind en zijn omgeving tegen het krijgen van bepaalde (gevaarlijke) ziekten en infecties, die door anderen worden verspreid.

Beschermen van uw kind
Vaccins voor kinderen voorkomen ziekten, die ernstig en zelfs dodelijk kunnen zijn. Een paar voorbeelden hiervan zijn:

  • Mazelen (morbilli) kunnen hersenenzwelling veroorzaken, die tot schade aan de hersenen of zelfs de dood kan leiden.
  • BOF (parotitis epidemica) kan leiden tot blijvende doofheid.
  • Hersenvliesontsteking (meningitis) kan ook leiden tot blijvende doofheid of hersenbeschadiging.
  • Polio (poliomyelitis) kan leiden tot kinderverlamming.

Elk kind kan worden blootgesteld aan deze infecties. Ondanks dat het vermijden van contact met zieke mensen is aan te bevelen, kunnen infecties, zoals mazelen ook verspreid worden door de lucht. Uw kind kan in contact komen met mensen die bacteriën bij zich dragen, zelfs als ze niet ziek lijken.
Er zijn geen behandelingen voor ziekten als mazelen, bof en polio. De enige bewezen manier om uw kind te beschermen is met vaccins.

Bescherming van anderen
Uitstellen of weigeren van sommige of alle vaccins voor uw kind, brengt zijn gezondheid en het leven in gevaar. Het bedreigt ook de gezondheid van andere mensen. De hoogste risicogroepen zijn onder andere:

  • Mensen met een verzwakt immuunsysteem, als gevolg van andere ziekten of medicijnen die zij innemen.
  • Mensen met chronische medische aandoeningen zoals longkanker, hart, lever, nierziekte of diabetes.
  • Pasgeboren baby’s, die te jong zijn om gevaccineerd worden tegen de meeste ziekten.
  • Ouderen, die mogelijk een hoger risico lopen op complicaties van ziekten.

Wanneer meer mensen zijn geïmmuniseerd, is er minder risico voor iedereen. Hoe meer ouders ervoor kiezen om hun kinderen niet te vaccineren, hoe groter het risico is dat de infectie wordt verspreid in de omgeving.

Als uw kind niet volledig is gevaccineerd, dient u de volgende maatregelen te nemen:

  • Als uw kind ziek is en u belt of bezoekt een zorginstelling, geef dan onmiddellijk aan, dat uw kind niet is gevaccineerd. Op basis hiervan kan men besluiten welke testen er moeten worden afgenomen. Als uw kind een vaccin-vermijdbare ziekte heeft, kunnen er voorzorgsmaatregelen worden getroffen, zodat de ziekte zich niet verspreid en anderen besmet.
  • Houdt de vaccingegevens altijd bij de hand, zodat u kunt aangeven welke vaccins uw kind eventueel wel heeft ontvangen.

Uw kind is niet gevaccineerd en een vaccin-vermijdbare ziekte is actief in uw omgeving

  • Probeer van gedachten te veranderen en uw kind toch te beschermen met een vaccin. Praat met de arts van uw kind of met iemand in een instelling voor de volksgezondheid.
  • Uw kind kan worden gevraagd om weg te blijven van school, kinderopvang of andere georganiseerde activiteiten. U zult mogelijk op de hoogte worden gesteld, wanneer het veilig is voor uw kind om terug te keren. Wees erop voorbereid dat uw kind voor langere tijd, tot enkele weken, thuis moet blijven.
  • Laat u zich informeren over de ziekte en hoe deze zich kan verspreiden, hoewel het wellicht onmogelijk is om blootstelling te vermijden.
  • Iedere ziekte is anders. De tijd tussen het blootstellen aan de besmetting en wanneer de ziekte zich voordoet kan variëren. Praat met uw arts over uw kind om te weten wanneer uw kind niet langer het risico loopt om ziek te worden.
  • Als u weet dat uw kind is blootgesteld aan een ziekte, die door het vaccin had kunnen voorkomen, zorg ervoor dat u weet welke symptomen zich voordoen en moet er dringende medische hulp worden gezocht als deze zich ontwikkelen.
  • Houdt uw kind gescheiden van anderen, inclusief familieleden – met name pasgeboren baby’s, ouderen en mensen met een verzwakt immuunsysteem of chronische ziekte.

Tetanus: Vaccinatie is de beste bescherming

  • Tetanus (ook wel kaakkramp genoemd) is een ernstige ziekte, die wordt veroorzaakt door kiemen, die op en in de grond worden aangetroffen. Er is geen algemene bescherming tegen tetanus. Het verspreidt zich niet van kind tot kind. Als uw kind niet tegen tetanus is ingeënt, loopt het veel risico.
  • Zelfs een kleine snee of wond met een klein beetje vuil kan een infectie veroorzaken. Meer dan 10% van de kinderen en volwassenen die tetanus krijgen, zullen overlijden, zelfs met de beste intensieve zorg.
  • Meer dan de helft van degenen die tetanus krijgen, heeft geen voorgeschiedenis van een verwonding. Dus als uw kind ziek wordt, zorg er dan voor dat de arts meteen weet dat het niet is gevaccineerd. Als uw kind niet minstens 3 doses tetanusvaccin heeft gekregen en een ernstige snee of verwonding heeft, moet het zo snel mogelijk tetanusimmunoglobuline worden toegediend om tetanus te voorkomen.

Reizen zonder vaccinatie

  • Indien u naar een ander land reist, lopen u en uw gezin risico op ziekten die door een vaccin hadden worden voorkomen. Dit kunnen ook ziektes zijn waarvoor routinematig geen vaccins worden gegeven.
  • Het dient aanbeveling om informatie in te winnen over mogelijke infectierisico’s over het land waar u naartoe gaat. In veel landen zijn de vaccinatiegraden wellicht lager dan in het eigen land. Dit betekent dat u mogelijk wordt blootgesteld aan infecties die in uw eigen land nauwelijks voorkomen.
  • Als uw kind ziek wordt, ontvangt het mogelijk niet dezelfde medische kwaliteit, die het thuis zou kunnen krijgen. Overweeg om uw kind te laten vaccineren, voordat u naar dergelijke landen afreist.
  • Kinderen met ziekten die door vaccinatie kunnen worden voorkomen, kunnen worden geweigerd om te reizen met het openbaar vervoer (lucht, trein of bus).

Tot slot
Uit statistieken blijkt dat een grote groep mensen vanwege religieuze of levensbeschouwelijke redenen besluiten om hun kinderen niet te laten vaccineren. De eersten omdat zij er de overtuiging hebben, dat God over ziekte en niet-ziek zijn beslist en niet de mens. Bedenk hierbij dat God de mens in staat heeft gesteld zich te ontwikkelen en problemen weerstand te kunnen bieden. Het gaat daarbij niet alleen om uw eigen kind, maar ook over de levens van anderen en dat mag u niet vernietigen, zoals tenslotte het zesde gebod’ van de Tien Geboden aangeeft.
De tweede categorie is ervan overtuigd dat het lichaam in staat is om zelf ziekten te genezen. Door de enorme wereldbevolking wonen mensen dicht bij elkaar. De mensen reizen de gehele wereld rond. Vele ziekten worden geïmporteerd uit andere landen, die hier voorheen niet voorkwamen. Het ‘tegenwoordige’ lichaam kan dit vaak niet aan. Een besmetting is snel een feit!

Ga dus over tot vaccinatie!