Wat betaalt men nu eigenlijk aan de zorg

Naast het betalen aan zorgpremie betaalt de patiënt nog verschillende andere zorgkosten, zoals het eigen risico en de eigen bijdragen. Hoe zit dit nu allemaal in elkaar?

De Zorgverzekeringswet – Zvw
Deze wet is op 1 januari 2006 in werking is getreden. De belangrijkste punten in deze wet zijn:

  • Een verplichte zorgverzekering voor iedereen;
  • De zorgverzekeraar is verplicht iedereen te accepteren;
  • Mensen met een lager inkomen krijgen een tegemoetkoming in de vorm van zorgtoeslag;
  • Iedere verzekerde van achttien jaar of ouder betaalt een verplicht eigen risico,
  • Voor bepaalde zorgkosten betaalt men een eigen bijdrage (komt bovenop het eigen risico).

Zorgkosten
De zorgkosten voor 2017 bedragen 95 miljard euro. Dat is gemiddeld per persoon 5169 euro. Dit bedrag wordt opgebracht door inning via een inkomensafhankelijke bijdrage via de belastingen, de zorgpremie, het verplichte eigen risico dat moet worden betaald en de eigen bijdragen die de patiënt worden opgelegd.

Zorgverzekering
De zorgverzekering dekt noodzakelijke, op genezing gerichte, zorg. Bovenop de (verplichte) basisverzekering kan men een aanvullende verzekering (AV) afsluiten voor extra zorg. De basisverzekering vergoedt niet alles. Via de AV kan men zich tegen extra zorg verzekeren.

Basisverzekering
De basisverzekering is een verplichte ziektekostenverzekering voor ingezetenen van Nederland. Iedere Nederlander is verplicht een basis zorgverzekering af te sluiten. De basisverzekering is een verzekering voor de kosten van zorg uit het basispakket, zoals vastgesteld door de overheid. Is men onder de achttien jaar, dan is men gratis meeverzekerd met de ouders of de voogd. Voor deze laatste groep geldt ook geen eigen risico. Kenmerken van de basisverzekering is de verzekerings- en acceptatieplicht. De verzekeringsplichtigen moeten zich verzekeren en de verzekeraars zijn verplicht iedereen te accepteren voor de basisverzekering. De overheid stelt de inhoud van de basisdekking vast. Voor volwassenen geldt sinds 1 januari 2008 een eigenrisicoregeling.
Het basispakket dekt de kosten voor de zorg van bijvoorbeeld huisarts, ziekenhuis, psychiater of apotheek. De hoogte van het eigen risico wordt door de overheid bepaald, niet door de zorgverzekeraar. Het eigen risico voor 2017 en 2018 is vastgesteld op € 385. De hoogte van de premie wordt bepaald door de zorgverzekeraar.

Aanvullende verzekering – AV
Naast de (verplichte) basisverzekering kan men een AV afsluiten. In de AV kan men zich extra verzekeren voor tandarts, fysiotherapie en orthodontie. Dit kan voordelen bieden, omdat de basisverzekering niet alles vergoedt. Bij hoge (te verwachten) ziektekosten heeft deze verzekering zeker nut. Via deze verzekering kan men (een deel van) de tandartskosten declareren. Heeft men veel fysiotherapie nodig, worden extra behandelingen door deze verzekering vergoed.
De noodzakelijke zorg wordt al vergoed door de basisverzekering. Heeft men weinig tot geen zorg nodig, dan is een AV overbodig.

Eigen risico – ER
Om zich bewust te worden van de zorgkosten is er van overheidswegen een eigen risico ingesteld. Doordat men zelf het eerste deel van de kosten betaalt, zou de zorgpremie lager blijven.
Het ER is een jaarlijks terugkerend bedrag en wordt per jaar door de overheid vastgesteld. Het verplicht eigen risico voor 2018 is hetzelfde gebleven als voor 2017 en bedraagt € 385,-. Heeft men weinig zorgkosten, dan kan men het ER met een vrijwillig bedrag verhogen. Dit vrijwillige bedrag mag maximaal € 500,- per jaar bedragen. Door het hogere ER betaalt men minder premie.
Het ER geld voor mensen vanaf 18 jaar en vrijwel voor de gehele zorg.
Voor de volgende zorg uit het basispakket betaalt men geen eigen risico:

  • huisartsenzorg (waaronder de huisartsenpost);
  • verloskundige zorg en kraamzorg;
  • bepaalde zorg bij een aantal chronische ziekten (diabetes mellitus type 2, COPD en CVR). Bij de behandeling van deze ziekten zijn verschillende zorgverleners betrokken. Bij bijvoorbeeld diabetes zijn dat huisarts, diëtist, podotherapeut, apotheker, oogarts en fysiotherapeut. Dit heet ketenzorg;
  • wijkverpleging;
  • nacontroles bij orgaandonatie;
  • reiskosten bij orgaandonatie.

De zorgverzekeraar kan ook bepaalde zorgaanbieders, zorgprogramma’s, medicijnen en hulpmiddelen uitsluiten van het ER. Bij de zorgverzekeraar kan men een betalingsregeling afspreken en het ER in termijnen betalen.
Let wel: Handelingen die een huisarts laat verrichten, zoals bloed laten prikken, laboratoriumonderzoek en de voorgeschreven medicijnen vallen wel onder het eigen risico.

Eigen bijdrage
Voor sommige ziektekosten uit zowel het basispakket als de AV moet een eigen bijdrage worden betaald. Bijvoorbeeld voor kraamzorg, hoortoestellen, kunstgebitten, pruiken, ziekenvervoer en geneesmiddelen. De overheid bepaalt voor welke zorg de eigen bijdrage geldt en hoe hoog die bijdrage is. Dit komt dus bovenop het eigen risico. Voor ondermeer brillen en contactlenzen ontvangt men een maximum vergoeding per jaar.
Bij sommige hulpmiddelen betaalt men een eigen bijdrage per jaar, voor andere hulpmiddelen per keer.

Terhandstellingskosten
Deze kosten vormen een onderdeel van het eigen risico en moet door de patiënt worden betaald. Deze kosten betreffen de dienstverlening van de apotheek, zoals:
• een begeleidingsgesprek bij een nieuw geneesmiddel;
• het samenstellen van het geneesmiddel;
• controleren of de voorgeschreven sterkte en gebruik juist zijn;
• het bewaken dat er geen verkeerde combinatie van geneesmiddelen is.
Deze kosten komen bovenop de eventuele kosten van het geneesmiddel. De hoogte van deze kosten verschilt per apotheek, per geneesmiddel en per tijdstip.
Meestal is het tarief ongeveer € 6,-. Maar dit bedrag is hoger als:
• het geneesmiddel ’s avonds of in het weekend wordt afgehaald;
• de apotheker het geneesmiddel zelf moet maken;
• de apotheker een extra uitleg moet geven voor het geneesmiddel.
Men betaalt dus meer voor het geneesmiddel, doordat de terhandstellingskosten onder het eigen risico vallen. Men moet deze kosten dus eerst zelf betalen, totdat het totale eigen risico is voldaan.

Mogelijke oplossing
Bij de invoering van de zorgwet van 2006 heeft de overheid de uitvoering uitbesteed aan de zorgverzekeraars. Binnen de regels die door de overheid zijn opgesteld genieten zij alle vrijheid. Daarnaast zijn er nog veel door de overheid gefinancierde organen, die controleren en regels opstellen. Noem hierbij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en de Autoriteit Consument en Markt (ACM). Daarnaast is er de contractering, dat een een enorme hoeveelheid aan administratie met zich meebrengt. Vrijwel alle zorgverleners willen hiervan af. Het jaarlijks overstapcircus dat al miljoenen aan reclames kost en feitelijk weinig oplevert.
De basiszorg moet gezien worden als een (verplichte) sociale verzekering, net als de AOW, en dient geregeld te worden door de overheid, dus geïnd door de belastingdienst en uitgevoerd door bijvoorbeeld de Sociale Verzekeringsbank. Regionale overheden kunnen de rol van verzekeraars als inkopers prima overnemen, met prikkels voor beter presteren, zoals in Zweden gebeurt.
Dan kan er worden bespaard! Het scheelt al heel veel geld met het berekenen, innen en evalueren van zorgtoeslagen. Deze kan geregeld worden via de belastingschijven.
Hierdoor krijgt de overheid (weer) zeggenschap over het zorgstelsel en meer inzicht verkrijgen in de kosten. Daarnaast kan er gezorgd worden voor eenduidige transparante en duidelijk leesbare declaraties, die ook voor de gemiddelde patiënt begrijpelijk zijn. Deze kan dan ook controleren of de gefactureerde behandeling daadwerkelijk heeft plaatsgevonden.

Please follow and like us:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.